#100 tot #107 Wichelroedelopers
En 7 andere dingen die me blij maken
Ik vind mezelf vrij sceptisch. Ik geloof stellig in de wetenschappelijke methode.
Vroeger keek ik graag naar The X-files, wat ik een spannende tv-serie vond over buitenaardse wezens, samenzweringen en andere paranormale toestanden.
Een keer ontdekte ik in een online nieuwsgroep dat er ook kijkers waren die zo’n beetje alles wat in die serie voorbijkwam echt geloofden. Ze vonden het goed dat het nu eindelijk eens een keertje getoond werd. Van die ontdekking ben ik dagenlang van slag geweest.
Hoe konden mensen zo goedgelovig, naïef en, jawel, dom zijn? Later kwam ik flat earthers, religieuze fanatici en een potpourri aan wappies tegen en leerde ik dat mensen gewoon heel erg graag in rare dingen geloven.
Wat ik merk nu ik ouder word, is dat ik milder word. Minder sceptisch. Minder veroordelend in ieder geval. Het menselijk brein is een wonderlijke fantast. We houden onszelf maar wat graag voor de gek. Soms is dat schadelijk. Soms is dat iets waar ik blij van word.
Dit zijn zeven andere dingen waar ik blij van word.
100. Wichelroedelopers
Ik las het vrolijkmakende boek De straaljager van Vrouwkje Tuinman, een roman over Jan Mieremet, kenner van aardstralen en oprichter van het ‘Eerste Nederlandsch bureau voor wichelroede-bodemonderzoek tegen gezondheidschadende aardstralen'.
Deze Jan heeft echt bestaan. Met zijn wichelroede zocht hij halverwege de vorige eeuw naar aardstralen. Deze aardstralen zijn schadelijk. Daarom verkocht hij zelfgemaakte ‘Poverni-kastjes’ die de kopers tegen de stralen moesten beschermen. Deze stonden bij boeren die last hadden van veel veesterfte, maar ook in het Amsterdamse Concertgebouw. En zelfs op Paleis Soestdijk. Mieremet werd vaak uitgemaakt voor kwakzalver, maar trok zich daar niets van aan.
Ik moest denken aan mijn opa. Opa Kouters was ook een straaljager. Hij werkte in de jaren veertig als sondeerder voor een bouwkundig bedrijf. Een van zijn taken was om bouwplekken te controleren op aardstralen. Dat kon hij doen, omdat hij de gave van het wichelroedelopen had. Een van de grootste opdrachten die hij deed was Schiphol, dat in die tijd flink uitbreidde. Landingsbanen mochten niet op aardstralen liggen. Onzin of niet, met vliegtuigen kan je geen enkel risico nemen. Mijn opa heeft ervoor gezorgd dat er nu geen landingsbanen op aardstralen liggen. Een geruststellende gedachte waar ik blij van word.
Later werd opa secretaris van de ‘Vereniging voor Wichelroede Onderzoek in Nederland’. Daarvan heb ik de complete correspondentie gekregen na opa’s dood. Die leest soms als een komedie. Smakelijk zijn alle ruzies en onenigheden die ervoor zorgden dat de vereniging in de jaren vijftig uiteenviel.
101. Verrekijker
Het woord alleen al. De verrekijker laat je verder kijken. Het is een instrument voor nieuwsgierige mensen, spionnen en vogelaars. Waarschijnlijk zijn dit gewoon dezelfde mensen.
102. Als je thee niet meer zo kokend heet is dat je het angstig met kleine slokjes moet opslurpen, maar afgekoeld tot het punt dat je normale slokken kan nemen
103. Een opschrijfboekje krijgen als cadeau en dan meteen daadwerkelijk ideeën krijgen om op te schrijven.
Bestaat er iets dat je het tegenovergestelde van writers block kan noemen? Ik bedoel het fenomeen dat je een lege pagina ziet, of een leeg opschrijfboekje, en dat je meteen een ingeving krijgt waarmee je die pagina kan vullen. Ik heb dat lang niet altijd. Maar als ik het heb, dan word ik er ongelofelijk blij van.
104. Een goed shirt vinden achter in de kast dat je al een jaar niet gedrag hebt en vergeten was
Ik heb het meteen aangetrokken. Zwart, lange mouwen, past bij alles.
105. Regen als het wekenlang niet geregend heeft
Soms snakt de natuur zo erg naar een goede natte klets dat je het kan voelen. Alle uitgedroogde stukken grond die ik de afgelopen weken zag, de geeldode grasvelden, de slaphangende blaadjes, het onafwasbare vuil op mijn voorruit, het stof op de ramen, alles zorgde voor een steeds heviger verlangen naar een kletsnatte, allesdoordringende, diepdoorwekende regenbui. Die is deze ochtend begonnen. En ik zie alles wat groen is weer op adem komen.
106. Honden die met een stok in de bek lopen (Eveline)
107. Zwaaien naar boten
Toen we Vlieland naderden op de boot, zagen we mensen staan op een pier en die begonnen naar ons (ons allemaal op de boot) te zwaaien. Mijn kinderen vonden het gênant. Ik eigenlijk ook, want het waren volwassenen die stonden te zwaaien. We zwaaiden niet terug vanaf de boot.
Een paar dagen later stonden we zelf op die pier. Toen kwam dezelfde boot voorbij. Meteen begonnen we te zwaaien naar de mensen op het bovendek. Sommigen zwaaiden terug. Die mensen vond ik leuk.
Pak een gespleten stok of tak en ga wichelroedelopen.



Wat mooi om een stukje van die brief te zien! Dat logo straalt veel fierheid uit. Ik was vergeten dat telefoonnummers vroeger zonder zonenummer werden geschreven. Dat maakte me blij om nog eens te zien. Bedankt om dit te delen, ik wist niet dat straaljager ooit ook een letterlijke betekenis had.
#103. Ik lees in Cultuurkrant 37, editie maart 2026, dat Parkinson patiënten plots creatief kunnen zijn van de medicijnen die ze krijgen. Gaat om (verstoring van) de dopamine-aanmaak. Ik wil geen Parkinson, maar creatief met een pilletje, dat is toch geniaal? Opeens wél een mooie schets kunnen maken op vakantie? Karaoke die niet gênant is? Dansen als Travolta?
En nog belangrijker is de opening: steeds meer onderzoeken tonen aan dat kunst en creativiteit een gunstige invloed hebben op ons welzijn.
Prachtig, daar doen we het voor.